Autoclaafbehandeling, ook bekend als
drukbehandeling of drukimpregnatie, is een proces dat wordt gebruikt om de
duurzaamheid en weerstand van hout tegen rotting, insecten en andere
omgevingsfactoren te verbeteren. Bij dit proces wordt hout in een afgesloten
kamer geplaatst en worden vacuüm- en drukcycli toegepast om
verduurzamingsmiddelen in het hout te persen. Dit helpt om het hout te
beschermen tegen verschillende vormen van aantasting. Er zijn drie grote soorten autoclaafbehandelingen voor hout,
waaronder:
1.
Impregnatie met
conserveringsmiddelen
2.
Warmte- of Thermowood behandelingen
3.
Brandvertragende behandelingen.
1. Impregnatie met conserveringsmiddelen
De meeste autoclaaf behandelingen gebeuren met
conserveringsmiddelen. Het is namelijk de beste manier om buitenhout te
beschermen tegen biologische risico’s die vaak voorkomen in vochtige omgevingen
(insecten, schimmels, enz.) is een autoclaafbehandeling.
De autoclaaf is een tank die vacuümimpregnatie
gebruikt om spinthout volledig tot in het hart te behandelen. Na enige tijd in
een droogkamer wordt het hout in een autoclaaf ontdaan van eventueel
achtergebleven luchtdeeltjes. Een impregneervloeistof kan worden geïnjecteerd
om de lucht te vervangen die door het vacuüm is verwijderd, omdat dit soort
hout bijzonder poreus en doorlatend is. Het hout wordt daardoor duurzamer,
waardoor het vochtbestendig is. Behandelingen kunnen het meest effectief diep
in de kern worden geïnjecteerd dankzij het gebruik van stofzuigers en druk. De
levensduur van het hout zal daardoor aanzienlijk worden verlengd.
2. Warmte- of Thermowood behandelingen
Bij warmtebehandeling wordt hout blootgesteld aan hoge temperaturen (meestal rond de 180-240°C) in afwezigheid van zuurstof. Dit proces wijzigt de chemische structuur van het hout, waardoor het beter bestand is tegen rot en insecten. Thermowood hout wordt vaak gebruikt als gevelbekleding en andere toepassingen buitenshuis.
Na een warmtebehandeling is een brandvertragende behandeling wel nog steeds nodig om de wettelijke B-s1,d0 klasse te behalen volgens de Europese norm EN 13501-1 die geld voor gevelbekledingen.
3. Brandvertragende behandelingen
Brandvertragende behandeling van hout wordt gebruikt om de brandbaarheid van hout te verminderen en het vermogen van hout om vlam te vatten of vlammen te verspreiden te beperken. Hout is een brandbaar materiaal en in geval van brand kan het bijdragen aan de snelle verspreiding van vlammen. Brandvertragende behandelingen zijn bedoeld om deze risico’s te beperken door het ontstekings- en verbrandingsproces te vertragen.
Bij Fire-proof zijn we gespecialiseerd om hout onder vacuümdruk in een autoclaaf te behandelen op een manier die de brandreactie van het hout aanzienlijk verbetert: tot klasse B-s1, d0 volgens EN 13501-1 norm. Bovendien kan het hout water- en vuilbestendig behandeld worden, waardoor ook een langdurige garantie buitentoepassingen mogelijk is.